Aardappelen

Aardappelen

Aardappelen kan je makkelijk herkennen in het veld, omdat ze op ruggen worden geteeld. Zo kunnen ze makkelijker worden geoogst. We onderscheiden verschillende soorten aardappelen: pootaardappelen, consumptieaardappelen en zetmeelaardappelen. Uit pootaardappelen worden nieuwe aardappelen geteeld. Alle aardappelen worden gepoot in het voorjaar. De pootmachine maakt meteen ‘ruggen’, de heuvels waarin de aardappels groeien. Dit wordt Leer mess

Graan

Er worden in Nederland verschillende soorten granen geteeld. Het belangrijkste is tarwe. Gerst en tarwe kunnen zowel in het najaar als in het voorjaar worden gezaaid. Het meeste graan wordt gezaaid in de herfst (vooral wintertarwe). Voor de winter kiemt het gewas en ontstaan kleine plantjes die in de winter niet veel verder doorgroeien. Er Leer mess

Suikerbieten

Suikerbieten worden gezaaid in het voorjaar. De planten groeien uit tot brede, grootbladige planten. Onder de grond worden de bieten gevormd , één per plant. In de herfst worden de bieten geoogst, waarbij het blad van de biet wordt afgesneden. De bieten worden allemaal in twee fabrieken, in Dinteloord en in Groningen, verwerkt tot suiker. Leer mess

Uien

Bij uien onderscheiden we plantuien en zaaiuien. Zaaiuien worden gezaaid in het voorjaar en geoogst in de late zomer (september). Het zaad kiemt en er ontstaat een plantje. Tegelijkertijd wordt er aan de grond een bol gevormd, de uit. Elke plant vormt maar één ui, dat is dus anders dan bij aardappelen. Als de planten Leer mess

Cichorei

Cichorei is een gewas wat verwant is aan witlof en andijvie. Het gewas wat we cichorei noemen is speciaal veredeld zodat de wortels zich tot dikke knollen ontwikkelen. Het wordt geteeld voor de productie van inuline, een voedingsvezel, en fructose, een zoetstof. In Roosendaal wordt de cichorei verwerkt. In Zwolle wordt de vloeibare inuline verwerkt Leer mess

Groenten & Vezelgewassen

Vlas en hennep zijn bekende vezelgewassen. Verder zijn er nog een aantal groentegewassen, zoals peen en witlof.

Bonen en andere eiwitgewassen

Onder eiwitgewassen verstaan we gewassen, die een hoog eiwitgehalte hebben. Ze kunnen als alternatief dienen voor dierlijk eiwit. De teelt van eiwitgewassen is jarenlang vrijwel nul geweest als gevolg van een afspraak die in een vrijhandelsakkoord is gemaakt. Daardoor was de Europese eiwitteelt niet meer concurrerend. Maar nu Europa bezwaar krijgt tegen de grootschalige invoer Leer mess

Kool

Er zijn veel soorten kool, van boerenkool en rode kool tot spruiten, broccoli en bloemkool. Ook koolzaad hoort in deze groep. Alle koolsoorten hebben gele bloemen, de ene wat uitbundiger dan de andere.

Graszaad

In de akkerbouw wordt gras geteeld voor het zaad. Dit zaad dient dan weer voor het aanleggen van weilanden en gazons. Gras wordt gezaaid in de nazomer en geoogst in juli. Het is een erg aantrekkelijk gewas voor allerlei vogels en voor muizen.

Groenbemesters

Groenbemesters of vanggewassen zijn gewassen, die worden ingezaaid na de hoofdteelt, dus in augustus of september. Ze bloeien in september en oktober en worden veelal aan het begin van de winter of in het voorjaar ondergeploegd. Ze dienen er voor om de bodem van voedingsstoffen te voorzien, met name organische stof. Er zijn veel verschillende Leer mess